Wie ben ik dan?, een introductie van Marleen Stokroos

Beste gemeenteleden

Ik zit nagenietend van de bevestigingsdienst, met een prachtig liturgisch bloemstuk en een liefdevolle welkomst-tak van de kinderen van de kindernevendienst om me heen. Nagenietend van een dienst waarin ik me welkom geheten voel.

De dienst had als titel “Hier ben ik”, maar wie ben ik dan? Ik ben uw nieuwe kerkelijk werker. Het is vandaag mijn officiële eerste werkdag. Ik ben Marleen Stokroos, 51 jaar en ik woon samen met mijn vrouw Liesbet Meerstra en onze kinderen Thijs (13 jaar) en Linn (11 jaar) te Sauwerd. Na 5 jaar HBO-theologie studeren ben ik erg blij en dankbaar dat ik zo snel na mijn afstuderen ook werkelijk de gehoopte carrière switch kan gaan maken.

Ik ben 32 jaar werkzaam geweest als verpleegkundige. Na mijn inservice opleiding tot A-verpleegkundige en de verkorte HBO-V ben ik in 1994 gaan werken in het UMCG. Ik heb gewerkt binnen de psychiatrie, de oncologie (ofwel werken met mensen met kanker) en binnen de neurorevalidatie. Als verpleegkundige werd het mij steeds duidelijker dat mijn kracht en werkplezier ligt bij het psychosociaal begeleiden van mensen in de situatie waarin ze zich bevinden. En na toenemende samenwerking met de geestelijk verzorgenden binnen mijn werk op de afdeling longoncologie nam ook mijn kennis en kunde in het spirituele zorg toe. Iets waar ik van genoot.

En toen kwam de opmerking van mijn supervisor en tevens geestelijk verzorgende; “ik zie een collega in jou, ik ben gek als ik jou laat lopen. Ik zie jou wel werken als dominee in een noord-Gronings dorp”. Zijn opmerking kwam binnen als een schot in de roos. Ik kon er niet omheen. Ik begon een beroep op mezelf te betrekken die ik daarvoor niet voor mogelijk had gehouden. Een universitaire opleiding bleek echter om financiële en organisatorische redenen niet haalbaar. De HBO-theologie werd een goed alternatief. Het mooie van een hoger beroepsopleiding is dat je gedurende de opleiding gelijk met één been in de praktijk staat. Ik heb een jaar stage gelopen bij Ignace Frenay in de Centrumkerk te Winsum en een jaar bij Evert Jan Veldman in de Nieuwe Kerk te Groningen. Ik heb een kortere stage gelopen binnen de Bron in Beijum/Lewenborg en mijn afstuderen vond plaats binnen de Fontein te Paddepoel/Selwerd. Op al die plekken ontdekte ik steeds meer mezelf en kwam ik steeds meer in mezelf, als mens en als toekomstig kerkelijk werkende. Ik kwam thuis bij God en in de kerk.

Ik heb jullie gemeente leren kennen dankzij het voorgaan in een aantal kerkdiensten. En dankzij die diensten en daarbij behorende contacten leerden jullie mij en ik een aantal van jullie steeds beter kennen. En de click die ontstond maakte dat ik in het voorjaar een open sollicitatiebrief schreef. Na een tweetal mooie gesprekken met de kerkenraad bleek dat we elkaar herkennen en aanspreken in wijzen van kerk en gemeente-zijn. En tot mijn grote vreugde werd binnen de gemeenteberaad op 8 juni goedkeuring gegeven aan het voorstel om met mij in zee te gaan.

Ik ben uw nieuwe kerkelijk werker. Het is de bedoeling dat ik mij voor 24 uur per week ga richten op kerkopbouw en pastoraat. Daarnaast zal ik sowieso 1 x in de maand voorgaan. En naar wens ga ik voor in uitvaarten. Dat is de praktische kant van het verhaal.

Maar kerk-zijn begint niet bij een praktijkverhaal. Kerk-zijn begint bij God. In mijn sollicitatiebrief schreef ik dan ook:

De kerk is voor mij een plaats van thuiskomen in mezelf, bij God en in gemeenschap met elkaar. Een plaats waar iets van Gods Liefde zichtbaar kan worden en betekenis kan krijgen voor mensen in het alledaagse leven. Een betekenis dat meestal te vinden is in het kleine en eenvoudige. Het willen werken als kerkelijk werker ervaar ik als een roeping van God om hieraan mijn steentje bij te dragen.

De kerk is voor mij een plaats van gezamenlijk vieren van Gods betrokkenheid op de wereld en je voeden aan Zijn Woord. De kerk is voor mij ook een plaats van waaruit we onze betrokkenheid op elkaar, ons omzien naar anderen en de wereld concreet en zichtbaar kunnen maken. Diaconie en pastoraat kunnen juist in deze tijd van grote waarde zijn.

De kerk is voor mij een plaats waar mensen bijeenkomen. Een plaats waar mensen samen een weg zoeken om in verbondenheid, in relatie met elkaar het samen goed te hebben. Waar een ieder ervaart dat hij/zij op ieders eigen wijze welkom is en een plaats mag innemen in het groter geheel, in Gods geheel. Dit is niet altijd eenvoudig. Wegen creëren naar gezamenlijkheid is meestal een proces van vallen en opstaan. Ze vraagt vaak een lange adem. Het is mijn ervaring dat aandacht hebben voor ieders verhaal, beleving en ideeën in combinatie met gezamenlijk richting bepalen, keuzes maken, doortastendheid en vasthoudendheid, kortom met elkaar de dialoog aangaan van grote waarde is.

 

En dit laatste is wat ik als eerste ga doen. Met elkaar in gesprek gaan. Elkaar ontmoeten, elkaar leren kennen en onder andere van elkaar horen hoe als kerkgemeente en als individuele gemeenteleden verder te willen gaan. En wat hierbij nodig is. Jullie hebben als gemeente een intense tijd doorgemaakt. De fusie heeft vrucht gedragen, maar ook pijn en verlies gegeven. Voor sommigen is het misschien nodig dat pijn eerst verwoord moet worden voordat er nieuwe wegen gevonden kunnen worden. Voor anderen kan het nodig zijn dat er eerste nieuwe stappen gezet worden om de situatie dragelijker te maken. En bij weer anderen kan het de tijd daar zijn en het verlangen daar zijn om juist nieuwe wegen in te slaan. Alle drie kunnen samen opgaan. Ik wil u, je/jullie graag leren kennen in wie u bent, je/jullie zijn. Om vervolgens samen te ontdekken hoe kerk-zijn te zijn; hoe in verbondenheid, gezelligheid en betrokkenheid naar elkaar en de ander, je met elkaar kan zijn, kan groeien in wie je bent, hoe je in het leven staat, wat van waarde is, wie God voor je is en/of hoe we iets van God zichtbaar en voelbaar kunnen laten worden.

 

r

Foto: Ondertekening contract M. Stokroos

 

 

Bevestigingsdienst Marleen Stokroos

Foto impressie door Piet Ritzema